Ga direct naar
Eigen bijdrage huisarts verzwakt positie patiënt
De huisartsenvoorziening in Nederland is laagdrempelig, dichtbij en daardoor goed toegankelijk. De huisarts is voor veel patiënten zowel de eerste contactpersoon in de zorg als hun vertrouwenspersoon bij uitstek. De invoering van een eigen bijdrage zet zowel de toegankelijkheid als de relatie tussen huisarts en patiënt onder druk. Met alle mogelijke risico’s van dien. Volgens NHG en LHV moet een patiënt daarom zonder aarzeling over eventuele financiële consequenties naar de huisarts kunnen.
De eigen bijdrage geldt voor de totale huisartsenzorg, dus ook voor werkzaamheden van de assistente en de praktijkondersteuner, en treft daarmee iedereen die zorg nodig heeft: van jonge gezinnen met kleine kinderen tot pubers en ouderen. Maar de invoering treft vooral kwetsbare groepen in de samenleving: chronisch zieken, ouderen met meerdere, complexe aandoeningen en mensen in achterstandswijken. Juist zij komen vaker bij de huisarts.
Het opwerpen van een drempel in deze eerste lijn is nadelig voor zowel de kwaliteit als de betaalbaarheid van de zorg. Het ondermijnt de continuïteit van de zorg, is nadelig voor de therapietrouw van de patiënt en is ook vanuit preventief oogpunt onverstandig. De voorgestelde eigen bijdrage zal daarmee leiden tot hogere maatschappelijke kosten. Ook betekent een eigen bijdrage dat mensen andere wegen zullen zoeken om toch de zorg te krijgen die ze menen nodig te hebben, bijvoorbeeld door zich rechtstreeks te melden bij het veel duurdere ziekenhuis. Per saldo zal een eigen bijdrage dus leiden tot een kostenverhoging in plaats van een kostenverlaging en is daarmee contraproductief.

