U bent nu hier:
M24

Astma bij kinderen   M24   (oktober 2006)




Astma: is een aanvalsgewijs optredende bronchusobstructie op basis van verhoogde gevoeligheid van de luchtwegen voor specifieke prikkels (IgE-gemedieerd, allergisch) en voor niet-specifieke prikkels (inspanning, rook, stof, mist, kou, virale infecties), met als pathologisch substraat een chronische ontstekingsreactie.

Bij kinderen tot 6 jaar : meestal symptoomdiagnose ‘recidiverend piepen al dan niet met hoesten’. Het karakteristieke astmapatroon is veelal afwezig en objectieve longfunctietests voor het ondersteunen van de diagnose ontbreken.

Bij kinderen van 6 jaar en ouder: de diagnose astma kan gesteld worden op grond van het klachtenpatroon en lichamelijk onderzoek, ondersteund door allergologisch onderzoek en spirometrie.

AnamneseNHG Standaard

  • Ernst, duur en patroon van de luchtwegklachten:
    • piepende ademhaling, duur van het hoesten, kortademigheid in combinatie met piepen;
    • invloed van de klachten op het functioneren overdag, thuis of op school en ’s nachts tijdens het slapen;
    • de frequentie en duur van de episodes (incidenteel, regelmatig, dagelijks) en de duur van symptoomvrije intervallen.
  • Aanwijzingen voor allergie: klachten die passen bij een allergische rhinitis of die optreden of verergeren in een vochtige of stoffige omgeving, in voorjaar of zomer, dieren of door andere factoren.
  • Aanwijzingen voor bronchiale hyperreactiviteit: persisterende klachten na virale luchtweginfecties, bij blootstelling aan koude lucht, mist, (tabaks)rook, luchtvervuiling, baklucht, verflucht of parfumluchtjes, of na lichamelijke inspanning.
  • Roken: door moeder tijdens zwangerschap, door ouders/verzorgers, door vriendjes/vriendinnetjes, door het kind zelf.
  • Voorgeschiedenis en familie: perinatale gegevens, luchtwegproblemen, atopische aandoeningen, eerder gebruikte luchtwegmedicatie en het effect ervan; luchtwegproblemen of atopische aandoeningen bij familieleden.

Lichamelijk onderzoekNHG Standaard

  • Tekenen van kortademigheid (ademhalingsfrequentie, hartfrequentie, gebruik van hulpademhalingsspieren, intrekkingen intercostaal, neusvleugelen, cyanose).
  • Ausculteer longen en hart.
  • (Afbuigen van) lengte- en/of gewichtscurve en (achterblijvende) psychomotorische ontwikkeling.

Aanvullend onderzoekNHG Standaard

  • Bij kinderen jonger dan 6 jaar: screeningsonderzoek bij aanwijzingen voor allergie.
  • Bij kinderen ouder dan 6 jaar: altijd een screeningsonderzoek op allergie.
  • Bij kinderen ouder dan 6 jaar: spirometrie bij twijfel aan of ter bevestiging van de diagnose astma.

EvaluatieNHG Standaard

  • Jonger dan 1 jaar: overweeg ook andere aandoeningen (tracheo- of bronchomalacie, Cystic Fibrosis, corpus alienum, aangeboren afwijkingen van hart of grote vaten).
  • Jonger dan 6 jaar: astma waarschijnlijker bij: constitutioneel eczeem, aanwijzingen dat allergische prikkels luchtwegklachten uitlokken, aangetoond specifiek IgE tegen inhalatieallergenen, goede reactie op proefbehandeling luchtwegmedicatie, start luchtwegklachten op latere leeftijd en/of atopie bij een familielid.
  • Ouder dan 6 jaar: astma waarschijnlijk bij:
    • recidiverend optreden van kortademigheid of piepen, al dan niet na inspanning, gepaard gaande met:
    • reversibele bronchusobstructie, verbeterend op een bronchusverwijder, geobjectiveerd met behulp van spirometrie.

RICHTLIJNEN BELEIDNHG Standaard

Niet-medicamenteuze behandelingNHG Standaard

De huisarts geeft voorlichting over: aard van de aandoening, school- en beroepskeuze, manier waarop het kind en de ouders met de aandoening omgaan, doel en werking van de medicatie. Instructie van de inhalatietechniek.

  • Niet roken in omgeving kind of door kind zelf is de belangrijkste maatregel.
  • Bij aangetoonde inhalatieallergie voor huisdieren: huisdieren afraden.
  • Bij aangetoonde huisstofmijtallergie: totaalpakket maatregelen ter vermindering van de blootstelling aan huisstofmijtexpositie aanbieden: regelmatig ventileren, glad slaapkamervloeroppervlak, aangepast schoonmaken, beddengoed 1 × per 2 weken wassen op 60 °C of (matras)hoezen.
  • Aspecifieke prikkels vermijden.

Medicamenteuze behandelingNHG Standaard

Tot 6 jaar: gezien de onzekere diagnose heeft starten van medicatie altijd het karakter van een proefbehandeling:

  • Stap 1: β 2-sympathicomimeticum 1-2 weken, evalueer effect
  • Stap 2: Bij onvoldoende effect: heroverweeg diagnose en controleer inhalatietechniek. Inhalatiecorticosteroïd op proef. Bij onvoldoende effect na 4-6 weken: verwijs. Bij voldoende effect: probeer dosis te verminderen in periodes van 2-4 weken.

Vanaf 6 jaar:

  • Intermitterende symptomen (< 1 × per week): β 2-sympathicomimeticum.
  • Persisterende symptomen (> 1 × per week of > 2 × daags gebruik van een bronchusverwijder): inhalatiecorticosteroïd.

Tabel 1 Kortwerkendeβ -sympathicomimetica


leeftijd ≤ 6 jr > 6 jr
toedieningsvormdosisaerosol-inhalatiekamer:poederinhalator*
 
  • ≤ 4 jr: masker
 
 
  • > 4-6 jr: mondstuk
 
salbutamol100 μg, zo nodig tot 4 dd 1 à 2 puffs100-400 μg, zo nodig tot 4 dd 1 inhalatie
terbutalinen.v.t.250-500 μg, zo nodig tot 4 dd 1 inhalatie
fenoteroln.v.t.200 μg, zo nodig tot 4 dd 1 inhalatie
*bij sommige inhalatoren gelden lagere doseringen: raadpleeg het Farmacotherapeutisch Kompas

Tabel 2 Inhalatiecorticosteroïden


Leeftijd ≤ 4 jr > 4 jr ≤ 6 jr > 6 jr
Toedieningsvormdosisaerosol-inhalatiekamer met maskerdosisaerosol-inhalatiekamer met mondstukpoederinhalator** of autohaler
Beclometason100 μg 2 dd 2 puffs100 μg 2 dd 2 puffs200 μg 2 dd 1 inhalatie
Budesonide200 μg 2 dd 1 puff200 μg 2 dd 1 puff200 μg 2 dd 1 inhalatie
Fluticason50 μg 2 dd 2 puffs125 μg 2 dd 1 puff100 μg 2 dd 1 inhalatie
Beclometason extrafijn100 μg 2 dd 1 puff100 μg 2 dd 1 puff 100 μg 2 dd 1 puff via autohaler
** bij sommige inhalatoren gelden lagere doseringen: raadpleeg het Farmacotherapeutisch Kompas

ControlesNHG Standaard

  • Bij inhalatiecorticosteroïd: tijdens proefbehandeling of instelfase om de 2 tot 4 weken.
  • Bij continuering inhalatiecorticosteroïden: eenmaal per 3 maanden. Als behandeldoel gehaald is wordt na 6 maanden de dosering verminderd.
  • Controleer effect na 3 maanden. Geen verslechtering: verlaag dosering verder, anders oorspronkelijke dosering. Bij de laagste effectieve dosering: controleer om de 3 tot 6 maanden. Bekijk dan tevens of gestopt kan worden.

Verwijzing/consultatieNHG Standaard

  • Bij diagnostische problemen.
  • Bij geen of onvoldoende verbetering op therapie.

Gedeelde zorg huisarts en kinder(long)arts:

  • Kinderen jonger dan 1 jaar die inhalatiecorticosteroïden nodig hebben.
  • Kinderen bij wie ondanks adequate therapietrouw het behandeldoel niet bereikt wordt met een matige dosis inhalatiecorticosteroïden (400 μg budesonide/beclometason of 250 μg fluticason of 200 μg beclometason extrafijn per dag).
  • Instabiel astma: > 1 ziekenhuisopname of > 1 predniso(lo)nkuur wegens astma in het afgelopen jaar.
  • Een bijkomende andere chronische aandoening waarbij steroïden geïndiceerd zijn, zoals (ernstig) eczeem.

Richtlijnen acuut ernstig astmaNHG Standaard

  • Ernstige acute kortademigheid: expiratoir piepen, verlengd expirium, intrekkingen intercostaal, gebruik van hulpademhalingsspieren, neusvleugelen, ongelijkmatig inspiratoir ademgeruis (verminderd of afwezig ademgeruis bij zeer ernstige dyspnoe), tachypnoe (bij zeer ernstige dyspnoe afname ademfrequentie!), tachycardie en cyanose.
  • Geef β 2-sympathicomimeticum, bijvoorbeeld salbutamol via dosisaerosol-inhalatiekamer: 100 μg, 4 tot 8 puffs, 1-2 puffs per keer in inhalatiekamer (via vernevelaar: 5 mg/ml, <4 jr 0,5 ml, ≥4 jr 1 ml). Herhaal inhalatie na kwartier. Bij verbetering: inhaleer bijvoorbeeld elke 3 uur.Geef bij kortdurende/onvolledige verbetering prednis(ol)on. Bij zuigelingen en peuters drank (5 mg/ml, 1-2 mg/kg lichaamsgewicht, max. 40 mg/dag) eenmaal daags gedurende 5 dagen. Controleer volgende dag.
  • Bij minder/korter effect β 2-sympathicomimeticum: nauwkeuriger follow-up, meer noodzaak voor orale steroïden en/of consultatie kinderarts.
  • Bij onvoldoende verbetering binnen half uur: verwijs met spoed bij alarmsymptomen zoals uitputting, bij onvoldoende zorgmogelijkheid en bij ziekenhuisopname of zeer ernstig verlopen exacerbatie in het voorafgaande jaar.