Inhoudsopgave
Overige materialen
Psoriasis M39 (mei 2004)
BEGRIPPEN
Psoriasis: chronische erythematosquameuze huidaandoening, soms met nagelafwijkingen (putjes, dystrofie) of artritis (vingers, tenen); beloop in exacerbaties en remissies.
Psoriasis en plaque (psoriasis vulgaris): rode, symmetrische, scherp begrensde, verheven erupties, wisselend van grootte, met zilvergrijze, makkelijk verwijderbare schilfers; voorkeurslokalisaties: strekzijden van de extremiteiten, behaarde hoofdhuid, lumbosacrale regio.
Psoriasis guttata: acuut, gegeneraliseerd voorkomen van erythematosquameuze papels, maximaal 1 cm doorsnee, vooral op de romp en de proximale delen van de extremiteiten, met name bij kinderen en jonge volwassenen; geneest in het algemeen spontaan.
Psoriasis pustulosa: steriele, soms confluerende pustels, lokaal (voetzolen, handpalmen) of gegeneraliseerd (soms met koorts en algemene malaise).
RICHTLIJNEN DIAGNOSTIEK
Anamnese
Vraag bij een vermoeden van psoriasis naar:
-
grootte en lokalisatie afwijkingen;
-
beloop;
-
invloed trauma's, zonlicht, medicijngebruik;
-
jeuk, gewrichtsklachten;
-
psoriasis in de familie.
Informeer naar mogelijke psychosociale gevolgen.
Lichamelijk onderzoek
-
Inspecteer aangegeven plekken, nagels en voorkeurslokalisaties.
-
Schat totale uitgebreidheid van de afwijkingen in (handpalm = ca. 1% van het huidoppervlak).
-
Bij twijfel: krab over de erupties; witter worden van hoornlaag ondersteunt de diagnose (kaarsvetfenomeen).
Evaluatie
-
Bij karakteristieke erupties op voorkeurslokalisaties is de diagnose geen probleem.
-
In andere gevallen differentiëren van bijvoorbeeld seborroïsch eczeem (diffuse schilfering, geen aparte plaques) of pityriasis rosea (ovale rode erupties met fijne schilfering).
RICHTLIJNEN BELEID
Voorlichting
Geef informatie over:
-
het beloop: onvoorspelbaar; spontane, meestal tijdelijke volledige remissie bij een derde van patiënten;
-
het effect van behandeling: 60-90% aanzienlijke verbetering; het effect is tijdelijk;
-
voor- en nadelen van al dan niet behandelen;
-
erfelijkheid: 10% kans dat een kind psoriasis krijgt indien één ouder psoriasis heeft; 50% kans indien beide ouders psoriasis hebben.
Besteed aandacht aan psychosociale gevolgen.
Medicamenteuze behandeling
-
bij voorkeur een zalf; op de met kleding bedekte huid een crème; op de behaarde hoofdhuid een emulsie of lotion;
-
bij jeuk: vaselinecetomacrogolcrème naast eventuele andere antipsoriatische behandeling.
Behandel de lokale vorm van psoriasis pustulosa als psoriasis en plaque.
Volg bij volwassenen met erupties in het gelaat of in lichaamsplooien het schema voor kinderen.
Medicamenteuze behandeling bij volwassenen met psoriasis en plaque
| Stap 0 (bij ernstige schilfering) | salicylzuur 10% in vaselinelanettecrème of (behaarde hoofdhuid) lanettesmeersel FNA, 1 dd 1-2 weken. |
| Stap 1 | - klasse-3-corticosteroïd 1 dd 4 weken, maximaal 100 gram per week, of: - calcipotriol 2 dd 8 weken, maximaal 100 gram per week |
| Stap 2 | bij onvoldoende effect van het gekozen eerstekeuzemiddel -> het andere eerstekeuzemiddel |
| Stap 3 | bij onvoldoende effect van eerstekeuzemiddelen -> combinatietherapie:'s ochtends calcipotriol, ‘s avonds klasse-3-corticosteroïd, 4 weken |
| Stap 4 | bij onvoldoende effect van de combinatietherapie -> klasse-4-corticosteroïd 1 dd 4 weken maximaal 50 gram per week |
| Stap 5 | bij onvoldoende effect van een klasse-4-corticosteroïd -> overweeg ditranol |
Medicamenteuze behandeling bij kinderen ouder dan 2 jaar met psoriasis en bij volwassenen met psoriasis in gelaat en lichaamsplooien
| Stap 1 | klasse-2-corticosteroïd, 1 dd 4 weken, maximaal 100 gram per week |
| Stap 2 | bij onvoldoende effect klasse-2-corticosteroïd -> klasse-3-corticosteroïd 1 dd 4 weken, maximaal 50 gram per week |
-
Calcipotriol, klasse-4-steroïden en ditranol zijn niet geschikt voor gelaat of lichaamsplooien, ditranol ook niet voor behaarde hoofdhuid.
-
Ga bij voldoende resultaat door met het betreffende middel; stap echter bij voldoende resultaat van een corticosteroïd over op een intermitterende behandeling (bijvoorbeeld ‘weekend’-behandeling: eenmaal per week drie applicaties in twee dagen), of kies voor een stap terug in het schema of voor (tijdelijk) stoppen met de behandeling.
-
Bijwerkingen: als men de aanbevolen maximale doseringen niet overschrijdt en bovenstaande richtlijnen voor toepassing van corticosteroïden volgt, is de kans op systemische en irreversibele lokale bijwerkingen zeer klein; calcipotriol geeft soms lokale voorbijgaande irritatie; ditranol veroorzaakt vaak irritatie en verkleuring van huid en textiel.
-
Controle: bij gebruik salicylzuur na 1 week, bij corticosteroïden na 4 weken, bij calcipotriol na 8 weken.
Verwijzing
-
onvoldoende reactie op medicamenteuze behandeling na 3 maanden, uitgebreide psoriasis (>10% huid aangedaan), niet binnen 4 tot 6 weken genezen van psoriasis guttata, erytrodermatische psoriasis, gegeneraliseerde psoriasis pustulosa;
-
consultatieve verwijzing.
| Groep | Stofnaam |
| Klasse-2-corticosteroïden* | triamcinolonacetonide 0,1% crème/zalf, hydrocortisonbutyraat 0,1%_ (vet)crème/emulsie/oleogel/lotion |
| Klasse-3-corticosteroïden* | betamethasonvaleraat 0,1% crème/zalf/smeersel/emulsie/lotion,_ betamethasondipropionaat 0,05% crème/hydrofobe zalf/lotion |
| Klasse-4-corticosteroïden* | clobetasol 0,05% (vet)crème/zalf/hydrogel/lotion |
| Overige middelen | calcipotriol 0,05% crème/zalf/lotion |
