Inhoudsopgave
Zoek in standaarden
Â
Overige materialen
Dermatomycosen M64 (februari 2008)
BEGRIPPEN
Dermatomycosen: er is sprake van een dermatomycose als schimmels of gisten zichtbare huidafwijkingen veroorzaken.
RICHTLIJNEN DIAGNOSTIEK
Anamnese en lichamelijk onderzoek
-
Lokalisatie van de afwijkingen.
-
Aard van de klachten (jeuk of pijn).
-
Huid-, haar- of nagelafwijkingen elders op het lichaam.
-
Contact met (huis)dieren met huidafwijkingen.
-
Duur, beloop, eerdere episoden, (zelf toegepaste) behandeling.
Aanvullend onderzoek
Bij twijfel over de diagnose en als orale behandeling nodig is: KOH-preparaat maken.
Evaluatie
De diagnose wordt meestal à vue gesteld (voor kenmerken, zie tabel). Houd differentiaaldiagnostisch vooral rekening met: eczeem, psoriasis en bacteriële huidinfecties. Een positief KOH-preparaat is bewijzend voor de diagnose dermatomycose. Een negatief preparaat sluit de diagnose dermatomycose echter niet uit. Herhaal het KOH-preparaat of doe een kweek als het KOH-preparaat negatief is en orale behandeling nodig is.
RICHTLIJNEN BELEID
Voorlichting en niet-medicamenteuze behandeling
-
Bij tinea pedis, tinea manus, tinea corporis, intertrigo: vermijd factoren die maceratie van de huid bevorderen, draag ruimzittende katoenen kleding, evt. badslippers in gemeenschappelijke doucheruimte.
-
Bij pityriasis versicolor: behandeling voorkomt het ontstaan van nieuwe plekken; de pigmentatie herstelt zich pas na blootstelling aan zonlicht.
-
Bij onychomycose: geen medische noodzaak om te behandelen; alternatieven van orale therapie: vijlen bij mechanische bezwaren, nagellak bij cosmetische bezwaren.
|
Medicamenteuze behandeling
| Lokalisatie | Belangrijkste kenmerken | Diagnose | Behandeling |
| Behaarde hoofdhuid | wisselend beeld: grijswitte schilfering tot abcederende infiltraten met korsten; altijd loszittende of afgebroken haren | tinea capitis |
|
| Baardstreek | ronde, rode schilferende plekken, losse haarstompjes, pustels, soms abcederende infiltraten | mycotische sycosis barbae | |
| Gelaat, hals, extremiteiten | jeukende erythemateuze zwelling, pustels, haaruitval, contact met (huis)dieren | animale dermatomycose | |
| Hals, romp, extremiteiten | afwijkende pigmentatie, grillige vorm, fijne schilfering | pityriasis versicolor |
|
| Huidplooien, luiergebied | felrood, nattend, scherp begrensd, randschilfering, satellietvorming | intertrigo door Candida | lokaal imidazolpreparaat 1-2 dd, z.n. tot 4 weken |
| Gelaat, hals, romp, extremiteiten | scherp begrensde roodheid, zich centrifugaal uitbreidend, schilfering, randactiviteit, centrale genezing | tinea corporis | lokaal imidazolpreparaat 1-2 dd, of lokaal terbinafine 1-2 dd, z.n. tot 4 weken |
| Hand en vingers | roodheid, schilfering, soms vesikels | tinea manus | |
| Voet en tenen | roodheid, schilfering, soms blaasjes of pustels op voetzool of voetrand: maceratie, kloofjes interdigitaal | tinea pedis | |
| Voetzool en voetrand | verdikte hoornlaag, kloofjes, fijne schilfering | tinea pedis met mocassinpatroon | terbinafine oraal 1 dd 250 mg, 2 weken |
| Nagels | witgele verkleuring, meestal van distaal-lateraal naar proximaal uitbreidend, subunguale hyperkeratose | onychomycose | orale therapie, uitsluitend na zorgvuldige afweging van voor- en nadelen
|
Controles
Controle is alleen nodig als de aandoening niet geneest.
Verwijzing
Verwijs naar een dermatoloog bij onvoldoende resultaat ondanks (eventueel verlengde) behandeling of bij twijfel over de diagnose.
