U bent nu hier:

De aanpak van een hoog cholesterol

Versiedatum: januari 2012

Deze patiëntenbrief is bedoeld als ondersteuning van het consult door de huisarts. De huisarts geeft de brief mee aan patiënten met de betreffende ziekte of aandoening. De informatie dient niet als vervanging van een consult door de huisarts. Bedenk bij het lezen dat uw gezondheidssituatie anders kan zijn dan in de teksten wordt beschreven.

Wat is een hoog cholesterol?

Cholesterol is een vetachtige stof die nodig is voor het maken van cellen, hormonen en gal. Uw lichaam maakt zelf cholesterol aan in de lever. Daarnaast neemt u cholesterol op uit de voeding. Het cholesterolgehalte van uw bloed kan hoog zijn door een erfelijke stoornis in de vetstofwisseling of als er veel verzadigd vet in uw voeding zit. Er bestaat goed cholesterol (HDL-cholesterol) en slecht cholesterol (LDL-cholesterol).Het HDL-cholesterolgehalte van uw bloed mag hoog zijn, dat is juist goed voor uw vaten. Maar als het LDL-cholesterolgehalte hoog is raken uw bloedvaten verstopt en heeft u meer kans op hart- en vaatziekten, zoals een beroerte, angina pectoris of een hartinfarct. Ook uw nieren kunnen erdoor beschadigen.

Adviezen

Een hoog cholesterolgehalte is één van de risicofactoren voor het krijgen van hart- en vaatziekten. De kans op hart- en vaatziekten wordt groter als u ook andere risicofactoren heeft. Hier volgen enkele algemene adviezen om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen.

Roken is de belangrijkste risicofactor voor het krijgen van hart- en vaatziekten. Stoppen met roken geeft over het algemeen meer winst voor uw gezondheid dan het verlagen van uw cholesterol.

Diabetes mellitus (of suikerziekte) verhoogt de kans op hart- en vaatziekten en verhoogt ook het cholesterol. Behandeling van diabetes mellitus kan het cholesterolgehalte en de kans op hart- en vaatziekten verminderen.

Reumatoïde artritis verhoogt de kans op hart- en vaatziekten. Goede behandeling van reumatoïde artritis kan het risico verminderen.

Verminderde werking van uw nieren is ook een risicoverhogende factor voor hart- en vaatziekten. Gezond leven kan verdere achteruitgang van uw nieren beperken.

Hoge bloeddruk verhoogt de kans op hart- en vaatziekten. Als u hoge bloeddruk heeft, kan behandeling van de bloeddruk het risico op hart- en vaatziekten verminderen.

Stress vergroot de kans op hart- en vaatproblemen. Heeft u veel stress dan is het belangrijk daar wat aan te doen. Op de praktijk kunnen we proberen de oorzaak van uw stress te ontdekken. We kunnen een plan maken om de stress te verminderen. Soms kan bezoek aan maatschappelijk werk of een psycholoog in een aantal weken veel helderheid en daardoor rust geven.

Lichaamsbeweging Zorg dat u tenminste vijf dagen per week een half uur intensief beweegt, bijvoorbeeld stevig wandelen, fietsen, zwemmen of tuinieren.

Voeding Eet weinig verzadigd vet. Verzadigd vet verhoogt het cholesterolgehalte in uw bloed. Verzadigd vet zit vooral in room, roomboter, volle melkproducten, volvette kaas, vet vlees, gewone margarine, gebak, koekjes en snacks. Eet vooral groenten, fruit, aardappels en volkoren producten. Kies magere melkproducten, magere kaas, mager vlees, kip of vis. Vette vis, dieetmargarine en plantaardige olie bevatten onverzadigde vetten die het cholesterol verlagen. Vervang dus producten met verzadigd vet door producten die rijk zijn aan onverzadigd vet. Vaak staat dit op de verpakking aangegeven.

Alcohol Drink niet meer dan twee glazen alcohol op een dag, en bij voorkeur niet iedere dag. Meer alcohol kan uw cholesterolgehalte verhogen.

Overgewicht is ongunstig voor uw cholesterol en voor andere risicofactoren zoals hoge bloeddruk en diabetes (suikerziekte). Zorg daarom voor een gezond lichaamsgewicht. Een gezond gewicht bereikt u door gezond te eten en meer aan lichaamsbeweging te doen (ten minste een uur per dag als u wilt afvallen).

Medicijnen

Als uw risico op hart- en vaatziekten echt verhoogd is, dan is alleen het opvolgen van leefstijladviezen niet voldoende. Het kan dan zinvol zijn ook medicijnen te gebruiken om het cholesterolgehalte in uw bloed te verlagen en daarmee uw risico op hart- en vaatziekten te verkleinen.

Cholesterol verlagende medicijnen zijn meestal nodig:

  • als u een hart- en vaatziekte heeft of heeft gehad (bijvoorbeeld een hartinfarct of een beroerte) en uw cholesterol (het LDL-cholesterol) is te hoog;
  • bij diabetes mellitus als uw cholesterol (het LDL-cholesterol) te hoog is;
  • als uw cholesterol sterk verhoogd is (een cholesterol van 8 of hoger);
  • als verschillende risicofactoren samen ervoor zorgen dat uw risico op hart- en vaatziekten verhoogd is (zoals roken en hoge bloeddruk); het risico is voor mannen groter dan voor vrouwen, en neemt toe naarmate u ouder wordt);
  • bij een erfelijke stoornis in de vetstofwisseling.

Er bestaan verschillende soorten cholesterolverlagers. Een veel gebruikt middel is simvastatine. Simvastatine werkt bij de meeste mensen goed. Omdat simvastatine veel goedkoper is, geven wij de voorkeur aan dit middel. Reageert u er niet goed op, dan krijgt u atorvastatine of rosuvastatine.

Werking: De genoemde cholesterol verlagende middelen remmen de aanmaak van cholesterol door het lichaam. Ze verlagen het cholesterolgehalte van uw bloed en kunnen daardoor de kans op hart- en vaatziekten verminderen. Cholesterolverlagende medicijnen helpen alleen goed als u ze jarenlang dagelijks gebruikt. We weten dat als 30 mensen met een hoog risico voor hart- en vaatziekten jarenlang cholesterolverlagers slikken, er bij één van die dertig een dodelijk hartinfarct of beroerte zal worden voorkomen.

Bijwerkingen Alle cholesterol verlagende medicijnen kunnen ook bijwerkingen geven. De bijwerkingen verschillen per persoon. Mogelijke bijwerkingen zijn buikpijn, misselijkheid, diarree of juist verstopping, spierpijn, spierstijfheid of spierkrampen. Heel zelden wordt spierweefsel afgebroken. Soms kunnen daarbij uw nieren beschadigd raken. Gebruik geen cholesterolverlagers als u zwanger bent of borstvoeding geeft. Er zijn een aantal medicijnen die niet samengaan met cholesterolverlagers. Het gaat vooral om medicijnen tegen schimmelinfecties, en sommige medicijnen tegen virusinfecties. Cholesterolverlagers gaan ook niet samen met grapefruit(sap).

Hoe gaat het verder?

Een gezonde leefstijl blijft van groot belang. Als u cholesterolverlagende medicijnen gaat gebruiken, kom dan na drie maanden op controle om te bespreken hoe het gaat. Dan controleren we de hoogte van het LDL-cholesterol in uw bloed. Daarna controleren we elke drie maanden uw LDL-cholesterol, totdat het voldoende laag is.

Hoe vaak u daarna nog voor controle moet komen, hangt af van uw andere risicofactoren.

Bel direct de praktijk als u zich na het starten met cholesterolverlagers slap gaat voelen, met spierpijn, koorts, misselijkheid en donkere urine.

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, dan kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.