U bent nu hier:

Hepatitis C, chronische hepatitis

Versiedatum: april 2008

Deze patiëntenbrief is bedoeld als ondersteuning van het consult door de huisarts. De huisarts geeft de brief mee aan patiënten met de betreffende ziekte of aandoening. De tekst gaat ervan uit dat de patiënt al door de huisarts is gezien en dat de informatie uit de brief is besproken.

De adviezen in de brief gelden alleen voor mensen bij wie de diagnose is gesteld. De informatie dient niet als vervanging van een consult door de huisarts. Bedenk bij het lezen dat uw gezondheidssituatie anders kan zijn dan in de teksten wordt beschreven.

Wat is hepatitis C?

Hepatitis C is een besmettelijke leverziekte die wordt veroorzaakt door een virus. De ziekte geneest meestal niet vanzelf en kan tot ernstige leveraandoeningen leiden.

Wat zijn de klachten?

Een infectie met hepatitis C kan verschillend verlopen:

Sommige mensen krijgen binnen enkele maanden last van moeheid, verminderde eetlust, misselijkheid of vage buikpijn. Slechts een klein deel krijgt geelzucht, waarbij het oogwit en de huid geel worden. We noemen dit acute hepatitis. Acute hepatitis gaat meestal vanzelf over.

Verreweg de meeste mensen met hepatitis C hebben de eerste jaren van de ziekte geen klachten, of zijn alleen wat moe. We noemen dit chronische hepatitis. Deze brief gaat over chronische hepatitis.

Hoe ontstaat hepatitis C?

Hepatitis C wordt door een virus veroorzaakt. Het virus zit in het bloed van besmette personen. Het virus kan worden overgedragen als besmet bloed in het bloed van een ander terechtkomt, bijvoorbeeld door een besmette injectienaald of door een bloedtransfusie. In Nederland, West Europa, de Verenigde Staten en Australië wordt bloed voor transfusies sinds 1992 op hepatitis C gecontroleerd. Besmetting door bloedtransfusie komt sindsdien in deze landen niet meer voor. In sommige andere landen komt besmetting door transfusie nog wel voor. Ook door gebruik van besmette tandenborstels (bloedend tandvlees), scheermesjes of naalden (bijvoorbeeld bij piercings, tatoeages of acupunctuur), kan het virus worden overgedragen. Als een vrouw met hepatitis C zwanger wordt, is er een kleine kans dat ze bij de bevalling de baby besmet.

Het hepatitis C virus wordt in het algemeen niet door seksueel contact overgedragen.(Overdracht van het hepatitis C virus door seksueel contact is alleen beschreven bij homoseksuele mannen die seks hebben met andere mannen die HIV of AIDS hebben en seks hebben waarbij verwondingen ontstaan). Vaak blijft de oorzaak van de besmetting onbekend.

De ziekte is besmettelijk vanaf een week na besmetting.

Hoe wordt hepatitis C aangetoond?

Hepatitis C kan door bloedonderzoek worden aangetoond. Kort na besmetting kan het virus nog niet in het bloed worden aangetoond. Vaak moet uw bloed op een later moment nog eens worden onderzocht om zeker te weten of het virus (nog) in uw bloed zit.

Adviezen

Een dieet is niet nodig. Eet gewoon waar u zin in heeft.

Gebruik van alcohol - zelfs van kleine hoeveelheden - wordt sterk afgeraden, omdat het de kans vergroot op blijvende leverschade.

Als u hepatitis C heeft, moet u maatregelen nemen om te voorkomen dat u andere mensen met het virus besmet. Het virus zit in uw bloed. Uw bloed mag niet in het bloed van een ander terechtkomen. Let op voor wondjes in of aan de mond, neus, huid of geslachtsdelen. Voorkom dat anderen bijvoorbeeld via een tandenborstel, scheerapparaat, nagelknipper, pleister of (maand)verband met besmet bloed in aanraking komen. Als u een wondje heeft, dek dat dan goed af. Er is geen risico op besmetting met hepatitis C bij gezamenlijk gebruik van toilet, badkamer of tafelbestek. Ook niet bij zoenen of seksueel contact. Er is een kleine kans op besmetting door seksueel contact bij homoseksuele mannen die seks hebben met homoseksuele mannen die HIV of AIDS hebben.

Als u zich goed voelt, kunt u naar uw werk of school.

Hoe gaat het verder?

Uw bloed wordt regelmatig gecontroleerd om te zien of de hepatitis voorbij is.

Sommige mensen genezen vanzelf zonder behandeling. Zij raken het virus kwijt en zijn dan niet meer besmettelijk.

De meeste mensen blijven zonder behandeling het virus bij zich dragen en blijven dus besmettelijk. In dat geval blijft de ontsteking in de lever bestaan, in minder of meer ernstige vorm. We noemen dit een chronische leverontsteking. Bij sommigen kan de ontsteking op den duur ernstige en blijvende schade aan de lever veroorzaken. We noemen dit levercirrose. Bij enkelen kan jaren later leverkanker ontstaan.

Met behandeling is de kans dat u het virus kwijt raakt en geneest, veel groter. De kans op ernstige beschadiging van de lever en op het ontstaan van leverkanker is dan ook kleiner.

Er zijn medicijnen (injecties en pillen) om hepatitis C te behandelen. De behandeling duurt een half tot een jaar en heeft nogal wat bijwerkingen. Een specialist (maagdarmlever-arts of internist) kijkt welke behandeling mogelijk is en bespreekt dit met u.

Omdat de lever ontstoken is, kan uw lichaam sommige geneesmiddelen minder goed verdragen. Overleg daarom altijd eerst met de arts die u behandelt voordat u geneesmiddelen of zelfzorgmiddelen gebruikt.

Inenting tegen hepatitis C is niet mogelijk.

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, dan kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.