U bent nu hier:

Verlagen van uw risico op hart- en vaatziekten

Versiedatum: januari 2012

Deze patiëntenbrief is bedoeld als ondersteuning van het consult door de huisarts. De huisarts geeft de brief mee aan patiënten met de betreffende ziekte of aandoening. De informatie dient niet als vervanging van een consult door de huisarts. Bedenk bij het lezen dat uw gezondheidssituatie anders kan zijn dan in de teksten wordt beschreven.

Wat zijn risicofactoren voor hart- en vaatziekten?

De belangrijkst e risicofactoren voor hart en vaat ziekten zijn:

  • een hart- en vaatziekte hebben (gehad),
  • diabetes mellitus (suikerziekte),
  • reumatoïde artritis,
  • verminderde werking van de nieren,
  • hoge bloeddruk,
  • een verhoogd cholesterolgehalte,
  • een vader, moeder, broer of zus die vóór de leeftijd van 65 jaar een hart- of vaatziekte heeft gekregen,
  • roken, (de grootste risicofactor)
  • stress,
  • te weinig lichaamsbeweging,
  • overmatig alcoholgebruik,
  • ongezonde voeding,
  • overgewicht.

Het risico op hart- en neemt toe met de leeftijd en is voor mannen groter dan voor vrouwen. Iemand van hindoestaanse afkomst heeft een grotere kans op hart- en vaatziekten. Sommige factoren geven meer risico dan andere; samen versterken ze elkaar.

Als u al een hart- en vaatziekte heeft (gehad), dan heeft u een verhoogde kans om (opnieuw) problemen aan hart en vaten te krijgen zoals angina pectoris, een hartinfarct of een beroerte.

Uw eigen risicoprofiel

Om na te gaan of u een verhoogd risico heeft op hart- en vaatziekten, kijken we welke risicofactoren bij u een rol spelen. Het overzicht van uw risicofactoren noemen we uw eigen risicoprofiel.

Schatten van het risico

Als we uw risicoprofiel kennen, kunnen we in een tabel opzoeken hoe groot de kans is dat u binnen tien jaar een hart- en vaatziekte krijgt of aan een hart- en vaatziekte overlijdt. Deze tabellen zijn gebaseerd op gegevens van grote aantallen mensen van wie het risicoprofiel is bepaald. We zoeken op wat het risico is voor de groep waar u bij hoort. We letten hierbij op uw geslacht en leeftijd, op uw bloeddruk en cholesterol en of u rookt. Het gaat om een schatting van het risico, en niet om een zekerheid. Het komt bijvoorbeeld voor dat iemand met een hoog risico toch heel oud wordt. Omgekeerd kan iemand met een laag risico toch een hartinfarct krijgen.

Adviezen

Om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen is het belangrijk gezond te leven. Dat kan betekenen dat u bepaalde leefgewoontes moet veranderen. Als u rookt is het heel belangrijk dat u hiermee stopt, omdat uw risico op hart- en vaatziekten hierdoor sterk vermindert. Wanneer u stopt met roken, daalt uw risico op hart- en vaatziekten zo sterk, dat medicijnen voor het verlagen van uw bloeddruk of cholesterol soms niet meer nodig zijn. Probeer gezond en gevarieerd te eten. Drink niet meer dan twee glazen alcohol per dag. En zorg dat u tenminste vijf dagen per week een halfuur per dag actief beweegt. Gezonde voeding en actief bewegen helpen ook om overgewicht tegen te gaan. Als we samen uw risicoprofiel bekijken, zien we vanzelf welke adviezen voor u het belangrijkst zijn om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen. Stress vergroot de kans op hart- en vaatproblemen. Heeft u veel stress dan is het belangrijk daar wat aan te doen. Op de praktijk kunnen we proberen de oorzaak van uw stress te ontdekken. We kunnen een plan maken om de stress te verminderen. Soms kan bezoek aan maatschappelijk werk of een psycholoog in een aantal weken veel helderheid en daardoor rust geven.

Medicijnen

Als uw risico op hart- en vaatziekten verhoogd is, bekijken we in de praktijk of u baat heeft bij medicijnen om uw bloeddruk of cholesterolgehalte te verlagen. Hoe hoger uw geschatte risico op hart- en vaatziekten, en hoe hoger uw bloeddruk of cholesterolgehalte, des te groter is de kans dat u baat heeft bij deze medicijnen om uw risico te verlagen.

De behandeling hangt af van de groep waar u toe behoort. Er zijn drie groepen:

  • mensen met een hart- en vaatziekte;
  • mensen met diabetes mellitus;
  • mensen zonder deze aandoeningen.

Als u een hart- en vaatziekte heeft (gehad):

  • heeft u altijd baat bij een cholesterolverlagend medicijn, bijvoorbeeld een statine;
  • heeft u altijd baat bij een bloeddrukverlagend medicijn als uw bloeddruk verhoogd is of als u een beroerte heeft gehad. Bijvoorbeeld plaspil, bètablokker , ACE-remmer of calciumantagonist.

Als u diabetes heeft:

  • heeft u vrijwel altijd baat bij een cholesterolverlagend medicijn, bijvoorbeeld een statine);

  • heeft u vrijwel altijd baat bij bloeddrukverlagende medicijnen.

Zonder hart- of vaatziekte en zonder diabetes:

  • Het hangt af van uw geschatte risico en uw cholesterolgehalte of behandeling met een cholesterolverlagend medicijn zinvol is. Dit zoeken we op in een tabel.

  • Het hangt af van uw geschatte risico en uw bloedruk of behandeling met een bloeddrukverlagend medicijn zinvol is. Ook dit zoeken we op in een tabel.

Hoe gaat het verder?

We bespreken welke maatregelen mogelijk zijn om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen. Daarna maken we samen een plan voor de verdere aanpak van uw risicofactoren.

We spreken af of en, zo ja, wanneer u weer voor controle terug moet komen. Dit hangt natuurlijk af van uw risicofactoren, de gekozen aanpak en de eventuele behandeling.

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, dan kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.