

Artrose van de knie
Versiedatum: juli 2008
Deze patiëntenbrief is bedoeld als ondersteuning van het consult door de huisarts. De huisarts geeft de brief mee aan patiënten met de betreffende ziekte of aandoening. De tekst gaat ervan uit dat de patiënt al door de huisarts is gezien en dat de informatie uit de brief is besproken.
De adviezen in de brief gelden alleen voor mensen bij wie de diagnose is gesteld. De informatie dient niet als vervanging van een consult door de huisarts. Bedenk bij het lezen dat uw gezondheidssituatie anders kan zijn dan in de teksten wordt beschreven.
Wat is artrose?
De uiteinden van de botten die in een gewricht zitten, zijn bedekt met een laagje kraakbeen. De gladde oppervlakte van het kraakbeen en de gewrichtsvloeistof (‘gewrichtssmeer’) zorgen ervoor dat de het gewricht gemakkelijk kan buigen, draaien of strekken.
Artrose (‘slijtage’) is een aandoening van het kraakbeen in het gewricht. De term ‘slijtage’ is eigenlijk niet juist. Het kraakbeen is wel veranderd, maar niet versleten. Het kraakbeen is dunner en de oppervlakte is onregelmatig en niet meer zo glad.
Wat zijn de verschijnselen?
Artrose van de knie begint meestal met pijn en stijfheid in één knie. De klachten zijn het ergst als u in beweging komt nadat u uw knie een tijdje niet heeft bewogen, bijvoorbeeld bij het opstaan (startpijn). De klachten verminderen binnen het eerste halfuur dat u beweegt. Vaak merkt u na tien minuten bewegen al een duidelijke verbetering. Wanneer u uw knie belast kan de pijn verergeren. Soms wordt de knie ook dik en warm. Dan is het gewricht ontstoken.
Bij artrose kan uw knie ook zichtbaar veranderen. Er kan extra bot aangroeien aan de randen van het kniegewricht. Daardoor wordt uw knie ‘knokig’.
Hoe ontstaat het?
Hoe artrose ontstaat, is niet precies bekend. Duidelijk is wel dat het vaker voorkomt:
-
bij ouderen,
-
bij vrouwen,
-
bij mensen met overgewicht
-
in beroepen waarbij de gewrichten sterk worden belast.
-
wanneer artrose veel in de familie voorkomt.
Soms kan beschadiging van uw knie door een ongeval later aanleiding zijn voor het ontstaan van artrose.
Hoe wordt het aangetoond?
Artrose kan men meestal aan de klachten herkennen. Röntgenfoto's zijn zelden nodig. Artrose is op een foto niet altijd te zien. Als er wel artrose op de foto te zien is, weet men nog niet of uw klachten hiermee samenhangen.
Adviezen
Regelmatig (een halfuur per dag) bewegen zonder de knie te veel te belasten is belangrijk. Daarmee helpt u de klachten te verminderen en te voorkomen dat de klachten terugkomen of verergeren. Een knie waaromheen geoefende spieren zitten, kan meer verdragen en doet minder pijn. Ga bijvoorbeeld rustig fietsen of zwemmen. Bi het starten kan het nog pijn doen, , maar als u even doorzet wordt de pijn weer minder. Krijgt u later ‘napijn’, bijvoorbeeld de dag na het bewegen, dan heeft u de knie te veel belast.
Wanneer u veel pijn heeft, kunt u het gewricht tijdelijk enigszins ontzien. Blijf de gevoelige knie wel regelmatig bewegen, maar steun er zo min mogelijk op.
Zodra het iets beter gaat, moet u proberen uw dagelijkse bezigheden weer op te pakken. Ga weer stukjes lopen. Soms helpt het om daarbij een kruk of een wandelstok te gebruiken. Bij overgewicht helpt afvallen om uw kniegewrichten te ontlasten. Een diëtiste kan u daarin begeleiden. Soms kan het nodig zijn van hobby of beroep te veranderen om het pijnlijke gewricht te ontlasten.
Er is onderzoek gedaan naar het nut van koude kompressen, acupunctuur, ultrageluidbehandeling, gebruik van braces, inlegzolen of speciale schoenen bij artrose van de knie. Maar er is onvoldoende bewijs dat een van deze behandelingen of hulpmiddelen helpt.
Medicijnen
Medicijnen kunnen artrose niet genezen, maar wel de pijn verminderen. Als pijnstiller kunt u paracetamol gebruiken, bijvoorbeeld als u door de pijn niet goed kunt bewegen of slapen. Als de pijn steeds terugkomt, kunt u dit voorkómen door de pijnstiller met een vaste regelmaat in te nemen. zo nodig tot 4 maal per dag 1000 mg, gedurende een of twee weken. Houdt de pijn langer aan, gebruik dan niet meer dan 4 tot 6 maal per dag 500mg.
Als dat onvoldoende helpt, kunt u in overleg een andere pijnstiller proberen, zoals ibuprofen, diclofenac of naproxen. Dit zijn pijnstillers met een ontstekingsremmende bijwerking. Maar het is niet aangetoond dat deze beter werken dan paracetamol. Bovendien hebben ze meer bijwerkingen (bijvoorbeeld maagklachten) en gaan vaak minder goed samen met andere medicijnen.
Hoe gaat het verder?
Probeer , als het lukt, dagelijks voorzichtig te blijven bewegen. Wandelen blijft bij artrose van de knie meestal van groot belang.
Als het lastig wordt bepaalde bewegingen uit te voeren, kan oefentherapie helpen. U leert dan oefeningen die u ook thuis kunt doen. Het gaat bij die oefeningen vooral om de spieren rond het pijnlijke of stijve gewricht. Als die spieren sterker worden kunnen de klachten verminderen. Maar ook als uw hele lijf een betere conditie krijgt verminderen de klachten.
Hoe artrose verloopt verschilt per persoon. De klachten kunnen langdurig wegblijven, of dagelijks terugkomen. Vaak is het zo dat perioden met veel klachten en perioden met weinig klachten elkaar afwisselen.
Zelfs hardnekkige klachten kunnen na enkele weken nog verminderen.
Als de klachten lang aanhouden of verergeren, kan een gewrichtsinjectie met een ontstekingremmer soms helpen. Een enkele keer is een knie-operatie nodig. Dit wordt pas overwogen als bewegen van uw knie ernstige problemen geeft of wanneer u 's nachts veel pijn blijft houden.
Heeft u nog vragen?
Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.


