U bent nu hier:

Kinkhoest

Versiedatum: februari 2011

Bij een bepaalde vraag, klacht of ziekte kan de huisarts of praktijkmedewerker deze brief aan u meegeven. Deze informatie is niet bedoeld om een gesprek met de huisarts te vervangen.

Uw gezondheidssituatie kan anders zijn dan hier wordt beschreven.

Wat is kinkhoest?

Kinkhoest is een ziekte van de bovenste luchtwegen gekenmerkt door langdurige, hevige hoestbuien. Zowel kinderen als volwassenen kunnen kinkhoest krijgen.

Wat zijn de verschijnselen?

Kinkhoest begint met een verkoudheid, niezen, lichte koorts en prikkelhoest. Na twee weken ontstaan hevige, plotseling opkomende hoestbuien met opgeven van helder, taai slijm, soms met overgeven en/of blauw aanlopen. De hoestbui eindigt vaak met een lange gierende inademing. De hoestbuien zijn uitputtend, waardoor bij baby’s de kracht om te drinken kan afnemen. Baby’s kunnen van kinkhoest soms ook benauwd en blauw worden, zonder dat ze hoesten.

Na enkele weken worden de hoestbuien minder heftig. Alles bij elkaar kan het hoesten soms drie tot vier maanden duren.

Een volwassene kan kinkhoest hebben zonder de kenmerkende verschijnselen. Zo iemand is dan verkouden en blijft vaak wel een tot drie maanden door hoesten.

Hoe ontstaat het?

Kinkhoest wordt veroorzaakt door een bacterie (Bordetella pertussis). Iemand met kinkhoest kan de bacterie overdragen door niezen of hoesten. De kleine druppeltjes uit de mond of keel worden dan door anderen ingeademd. Na besmetting duurt het één tot drie weken voor u of een kind verkouden wordt. Het duurt dan nog twee weken voor de echte ‘kinkhoestbuien’ beginnen. Vanaf het begin van de verkoudheid tot ongeveer zes weken daarna kan uw kind de bacterie op anderen overdragen. De ziekte is dus al besmettelijk voordat de kenmerkende hoestbuien optreden.

Adviezen

Kinderen worden in het eerste levensjaar vier keer tegen kinkhoest ingeënt, de eerste keer als ze twee maanden zijn. De inenting tegen kinkhoest (K) zit samen met de inenting tegen difterie (D), tetanus (T) en polio (P) in de DKTP-prik. De inenting tegen kinkhoest geeft een goede maar geen volledige bescherming gedurende vier tot twaalf jaar. Als een kind dat is ingeënt toch kinkhoest krijgt, verloopt de ziekte milder.

Kinkhoest gaat vanzelf over, al duurt het soms maanden. Rust kan ervoor zorgen dat iemand wat minder hoestaanvallen krijgt. Maar in bed blijven is niet nodig. Laat een kind met kinkhoest gerust spelen als het daar zin in heeft.

Op het moment dat iemand duidelijk kinkhoestbuien heeft, is de meest besmettelijke periode al voorbij. Mensen in de directe omgeving zijn dan vaak al besmet. Het heeft daarom weinig zin een kind met kinkhoest thuis te houden. Een kind met kinkhoest dat zich verder goed voelt, kan gewoon naar school of het kinderdagverblijf. Het is wel belangrijk om daar te melden dat uw kind kinhoest heeft. Dan kan de leiding van de school of het kinderdagverblijf andere ouders over de ziekte informeren zodat zij eventuele kinkhoest bij hun kind herkennen.

Vrouwen die meer dan 34 weken zwanger zijn moeten zo mogelijk uit de buurt blijven van mensen met kinkhoest. Een vrouw die tijdens de geboorte kinhoest heeft, kan het direct overdragen op de baby.

Ook voor kinderen jonger dan een jaar geldt: houd ze zo mogelijk uit de buurt van iemand met kinkhoest. Kinderen jonger dan een jaar zijn nog niet of nog niet volledig ingeënt tegen kinkhoest.

Als er toch kans is op besmetting, moet u met de huisarts contact op nemen. Soms wordt een baby in een gezin waar kinkhoest heerst vervroegd tegen kinkhoest ingeënt. Normaal krijgen baby’s de eerste kinkhoestprik als ze 2 maanden oud zijn. Maar het kan al vanaf 4 weken.

Medicijnen

Antibiotica hebben over het algemeen geen zin. De hoestbuien worden er niet minder door en de kinkhoestperiode duurt even lang. Alleen als er in het gezin een zwangere vrouw of een baby (onder één jaar) is, wordt overwogen het hele gezin antibiotica (azitromycine of erytromycine) te geven om besmetting van de baby te voorkomen. Dit soort maatregelen wordt ook genomen in gezinnen met een kind dat bijvoorbeeld een hartkwaal of een longziekte heeft.

Hoe gaat het verder?

Het hoesten kan drie tot zelfs vier maanden doorgaan. Een kind dat kinkhoest heeft doorgemaakt, is daarna langdurig tegen de ziekte beschermd. Toch geldt voor iemand die kinkhoest heeft gehad dat hij of zij na tien tot vijftien jaar weer een milde vorm van kinkhoest zou kunnen krijgen. Dit geldt ook voor mensen die volledig zijn ingeënt tegen kinkhoest.

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, dan kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.

Meer informatie over dit en andere onderwerpen is te vinden op www.thuisarts.nl.